Belasting Collectief Nederland

Dutch Chinese (Simplified) English French German Spanish
woensdag, 11 juli 2012 12:56

Kapitaalverzekering eigen woning in het algemeen

Geschreven door 
De kapitaalverzekering eigen woning is een verzekering waarvan de uitkering moet worden gebruikt voor de aflossing van de (hypothecaire) lening die men heeft afgesloten voor de aanschaf, het onderhoud of de verbetering van een eigen woning (Art. 3.116 Wet IB 2001). Daarvoor moet de verzekerde een eigen woning hebben die hij zelf bewoont en moet hij de lening zijn aangegaan ter verwerving of verbetering van die woning. Fiscaal geldt een maximale looptijd van 30 jaar. Voor een op 30 december 2000 bestaande kapitaalverzekering tellen de jaren vóór 2001 ook mee voor de bepaling van de 30-jaarstermijn. Bij overschrijding van deze termijn komt de kapitaalverzekering fictief tot uitkering. De staatssecretaris van Financiën keurt thans goed dat de vrijstelling ook mag worden toegepast op de fictieve uitkering (Besluit van 28 april 2009, nr. CPP2008/1118M, Stcrt. 2009, 90, V-N 2009/26.14).

Let op

Voor een op 30 december 2000 bestaande schuld voor de eigen woning begint de 30-jaarstermijn pas te lopen op 1 januari 2001 en eindigt op 1 januari 2031. De jaren vóór 2001 tellen dus niet mee.
 
Voor de kapitaalverzekering eigen woning geldt, net als in het oude stelsel, dat het verschil tussen uitkering en betaalde premies wordt beschouwd als rente. Deze rente wordt belast in box 1, dus tegen het progressieve tarief. Maar onder bepaalde voorwaarden blijft ze onbelast, namelijk als de hele uitkering niet meer dan € 151.000 bedraagt; bovendien moet er minimaal 20 (verzekerings)jaar lang premie zijn betaald (Art. 3.118 Wet IB 2001). Is er ten minste 15 (verzekerings)jaar lang premie betaald, dan geldt een maximum van € 34.300. Een verzekeringsjaar is een periode van twaalf maanden gerekend vanaf het moment van afsluiten van de verzekeringsovereenkomst. In beide gevallen geldt ook nog dat er een bandbreedte van 1:10 moet zijn, dat wil zeggen dat de hoogste premie niet meer dan 10 keer de laagste mag zijn.
Als iemand ooit eerder een uitkering heeft gekregen op een kapitaalverzekering eigen woning, worden de hiervoor genoemde bedragen verminderd met het bedrag van die uitkering. Door deze systematiek kan iemand maar één keer van de vrijstelling gebruik maken. Bovendien krijgt hij nooit méér vrijstelling dan tot het bedrag van zijn schuld. Met andere woorden, door af te lossen op de hypotheek wordt tevens het bedrag van de mogelijke vrijstelling verlaagd. Aflossing op een lening kan om die reden onvoordelig zijn, maar daarmee is nog niet gezegd dat men dat niet zou moeten doen. Overleg met een adviseur is in zo'n geval op zijn plaats. Dit geldt ook voor de invloed van de eigenwoningreserve uit de bijleenregeling.
Echtgenoten, geregistreerde partners en duurzaam samenwonenden kunnen ieder van de vrijstelling gebruikmaken; overheveling van die vrijstelling naar de ander is echter, anders dan onder het oude stelsel het geval was, niet mogelijk. Om die reden is het verstandig om bij uitkeringen die hoger zijn dan de individuele vrijstelling, ervoor te zorgen dat beide partners begunstigden zijn op de polis. Een dergelijke aanpassing van de polis zou overigens consequenties kunnen hebben voor het successierecht, maar meestal is dat niet het geval. Is de uitkering hoger dan het maximum, dan wordt de rente begrepen in het deel van de uitkering dat boven de vrijstelling (€ 151.000 respectievelijk € 34.300) uitkomt, in box 1 tegen het progressieve tarief belast. Het is dus niet zo dat het overschot in box 3 wordt belast. De staatssecretaris van Financiën heeft de beleidsstandpunten over de kapitaalverzekering eigen woning, de spaarrekening eigen woning en het beleggingsrecht eigenwoning gepubliceerd in het besluit van 28 april 2009, nr. CPP2008/1118M, Stcrt. 2009, 90, V-N 2009/26.14).
Wie de eigen woning verkoopt en de verzekering zonder andere eigen woning voortzet, voldoet niet langer aan de voorwaarden voor de kapitaalverzekering eigen woning. In dat geval wordt de kapitaalverzekering niet langer in box 1, maar in box 3 belast. Maar daarbij moet wel eerst fiscaal worden afgerekend in box 1. Daartoe wordt de waarde in het economische verkeer van de polis op dat moment vastgesteld en net gedaan alsof die waarde wordt uitgekeerd. Zijn de tot dat moment betaalde premies binnen de bandbreedte van 1:10 gebleven, dan geldt de vrijstelling onverkort voor de op dat moment opgebouwde waarde, zelfs als nog niet wordt voldaan aan de normaal gesproken vereiste looptijd van 15 of 20 jaar. De vrijstelling gaat door verhuizing naar een huurhuis dus niet zonder meer verloren, maar kan soms niet optimaal worden benut. Uiteraard kan men ook een huurhuis en een kapitaalverzekering hebben. In dat geval wordt de kapitaalverzekering eveneens in box 3 belast. Als men dan naderhand een eigen woning koopt, kan men de bestaande polis alsnog naar box 1 overbrengen. Hoe dat in zijn werk gaat, wordt verderop besproken.
Doorgaans zijn kapitaalverzekeringen die worden gesloten in verband met de financiering van de eigen woning, zogenoemde gemengde verzekeringen: ze voorzien zowel in een uitkering bij in leven zijn van de verzekerde op de einddatum, als in een uitkering ten gevolge van eerder overlijden. Daarbij bestaat de mogelijkheid om het overlijdensdeel van zo'n verzekering in box 3 onder te brengen en de uitkering bij leven in box 1. Daar zijn dan wel twee aparte overeenkomsten voor nodig, waarvoor ook afzonderlijk premie moet worden betaald.

Laatst aangepast op vrijdag, 14 september 2012 10:52
Redactie Belasting Collectief Nederland

De leden van Belasting Collectief Nederland specialiseren zich voornamelijk in belastingadvies aan bedrijven. Dankzij onze bijzondere werkwijze kunnen zij zeer hoogwaardige dienstverlening aanbieden tegen zeer concurrerende tarieven. Dit betekent voor u aanzienlijke kostenbesparingen.

Log in om reacties te plaatsen

Tweets

Login