Belasting Collectief Nederland

Dutch Chinese (Simplified) English French German Spanish
dinsdag, 10 april 2012 14:06

Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte

Geschreven door 

X was bestuurder en enig aandeelhouder van BV A. Vanaf begin 2004 wist de ontvanger dat BV A niet in staat was de verschuldigde belastingen te betalen. BV A werd op 5 april 2006 failliet verklaard. Bij een in 2006 gehouden controle van de Belastingdienst bleek dat BV A over 2004 en 2005 niet alle verschuldigde BTW had aangegeven en voldaan. Naar aanleiding hiervan werd op 29 augustus 2006 een naheffingsaanslag BTW met een boete opgelegd met heffings- en invorderingsrente. De ontvanger stelde X vervolgens aansprakelijk voor de nageheven niet-betaalde BTW, de boete en de heffingsrente, invorderingsrente en boete. X ging in beroep.

Hof Arnhem besliste dat BV A begin 2004 mededeling van betalingsonmacht had gedaan en dat deze mededeling niet opnieuw hoefde te worden gedaan omdat de betalingsachterstand sindsdien niet was ingelopen. Hoewel BV A opzettelijk te weinig BTW had aangegeven en voldaan, had zij volgens het Hof aan haar meldingsplicht voldaan. De ontvanger moest aannemelijk maken dat het niet-betalen van de belastingschuld het gevolg was van aan X te wijten kennelijk onbehoorlijk bestuur en daarin was de ontvanger niet in geslaagd. De staatssecretaris ging in cassatie. De Hoge Raad besliste dat de begin 2004 gedane melding inzake betalingsonmacht geen rechtsgevolg voor de aansprakelijkheid had met betrekking tot de naheffingsaanslag van 29 augustus 2006 en de daarmee verband houdende heffingsrente, invorderingsrente en boete. De Hoge Raad vernietigde de uitspraak en verwees de zaak naar Hof Den Bosch.

futd

Laatst aangepast op dinsdag, 03 juli 2012 13:08
Fiscaal up to Date

Fiscaal up to Date brengt u elke week toegankelijker, sneller en kritischer dan wie ook op de hoogte van ál het fiscale nieuws en wat daarmee direct en indirect verband houdt. De belangrijkste, de interessantste en meeste bijzondere zaken worden voorzien van voor de praktijk noodzakelijke commentaren.

Van alle rechterlijke uitspraken wordt nog geen 5% voor publicatie vrijgegeven, terwijl steeds weer blijkt dat ook de overige 95% voor de adviespraktijk van groot belang is of kan zijn.

Log in om reacties te plaatsen

Tweets

Login