Belasting Collectief Nederland

Dutch Chinese (Simplified) English French German Spanish
woensdag, 02 november 2011 14:39

Negatief loon verrekenen

Geschreven door  Roy Vliese

Soms komt het voor dat een werknemer te veel loon ontvangt van de werkgever. Vanzelfsprekend moet wat teveel is ontvangen door de werknemer terugbetaald worden aan de werkgever. De terugbetaling van loon wordt ook wel 'negatief loon' genoemd.

Als de ten onrechte ontvangen inkomsten en de terugbetaling in hetzelfde jaar hebben plaats-gevonden, is dat op het gebied van de loonheffingen geen groot probleem. Omdat de loonaangifte met cumulatieve getallen werkt, kan een onterechte uitbetaling eenvoudig na de ontdekking binnen het kalenderjaar worden hersteld door middel van een correctiebericht. Minder eenvoudig is het als de daadwerkelijke terugbetaling in een later jaar plaatsvindt dan het jaar waarin de betreffende looninkomsten zijn genoten. Er zijn werkgevers die de terugbetaling van het teveel ontvangen brutoloon niet meer in de loonheffing willen corrigeren omdat het administratieve rompslomp oplevert. In de praktijk zullen deze werkgevers erop aandringen dat een werknemer de terugbetaling verwerkt als negatief loon in de aangifte inkomstenbelasting.

 Vorig jaar en dit jaar zijn er door verschillende Gerechthoven en Rechtbanken uitspraken gedaan die zagen op negatief loon dat werd verrekend in de inkomstenbelasting. Twee uitspraken bevestigen wat fiscalisten onder negatief loon verstaan. Daarentegen zijn er twee uitspraken gewezen die de wenkbrauwen van fiscalisten hebben doen fronsen. Eén daarvan is door de Hoge Raad (terecht) terugverwezen.

Negatief loon bij wettelijke plicht om schade aan werkgever te vergoeden
Bij het Hof Arnhem kwam een zaak van een boekhouder aan de orde die slordigheden had begaan. Hierdoor moest zijn werkgever onnodig aangiften doen, maar kreeg ook boetes opgelegd. De boekhouder voelde zich ernstig bezwaard en was bang zijn baan te verliezen. Dit bracht de boekhouder ertoe om deze kosten uit eigen zak te betalen en probeerde het geheim te houden voor zijn werkgever. Uiteindelijk kwam de werkgever er wel achter maar voelde er niets voor om deze kosten over te nemen. Dit bracht de boekhouder ertoe om de door hem gemaakte kosten als negatief loon verrekenen in zijn aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur was het daarmee niet eens en was van mening dat het niet aftrekbare verwervingskosten betrof. De inspecteur vond namelijk dat de boekhouder niet verplicht was deze kosten te maken. Het Hof oordeelde echter dat de boekhouder het bij het rechte eind had. Zo oordeelde het Hof dat de werknemer op basis van het Burgerlijk Wetboek de wettelijke plicht had om de schade aan zijn werkgever te vergoeden. Kortom de betaling was volgens het Hof dus wel degelijk te beschouwen als een verplichte schadevergoeding en gold daarom als negatief loon.

Negatief loon bij schadevergoeding door concurrentiebeding
In Amsterdam moest het Hof zich buigen over de vraag of een schadevergoeding vanwege het overtreden van een concurrentiebeding als negatief loon in aanmerking moest worden genomen. Hoewel datzelfde Hof al eerder had geoordeeld dat een schadevergoeding wegens het overtreden van een concurrentiebeding als negatief loon moest worden gezien, was de inspecteur een andere mening toegedaan. De inspecteur vond dat de kosten voortvloeiden uit de nieuwe dienstbetrekking en aldus niet aftrekbare verwervingskosten waren. Het Hof maakte korte metten met de stelling van de inspecteur en oordeelde dat de kosten zodanig samenhingen met het arbeidscontract met de oude werkgever, waardoor wel degelijk sprake was van negatief loon.

Meer algemeen: negatief loon bij voldoende causaal verband
Soms worden er ook opmerkelijke uitspraken gedaan, die vervolgens in cassatie sneuvelen. Zo ook door Hof Den Bosch in het geval van een man die na ontslag langer dan 3 jaar vrijwillig zijn pensioenpremie bij het pensioenfonds doorbetaalde. De inspecteur wilde de aftrek slechts tot 3 jaar toestaan omdat dat in een besluit van 2002 werd toegestaan. Het hof beslist echter dat het besluit hier niet van toepassing was. Vervolgens geeft het Hof aan dat voor de kwalificatie van een betaling als negatief loon voldoende causaal verband moet bestaan met de (vroegere) dienstbetrekking, hetgeen hier zo was. De aftrek van de pensioenpremie werd daarom als negatief loon toegestaan, ook na het verstrijken van 3 jaar. De Hoge Raad stelt echter dat er na 3 jaar niet meer voldoende verband aanwezig is tussen de te betalen pensioenpremie en de voormalige dienstbetrekking. Zulks volgt ook uit de toelichting bij bovengenoemd besluit.

Door werknemer aan werkgever vergoede heffingrente negatief loon?
Uit de voorgaande uitspraken blijkt dat een voor de kwalificatie van een betaling als negatief loon voldoende causaal verband moet bestaan met de (vroegere) dienstbetrekking. Daarom was vorig jaar een uitspraak van Rechtbank Haarlem en onlangs de uitspraak in hoger beroep van Hof Amsterdam enigszins verrassend. Een werkgever had met de Belastingdienst een vaststellingsovereenkomst gesloten in verband met de ten onrechte niet ingehouden loonbelasting op aan een werknemer toegekende optierechten en de mogelijkheid met korting aandelen te kopen. Op grond van de vaststellingsovereenkomst werd een naheffingsaanslag loonbelasting inclusief heffingsrente opgelegd aan de werkgever. De werkgever heeft de loonbelasting met de hierop betrekking hebbende heffingsrente op de werknemer verhaald.
Gelet op de andere uitspraken lijkt het causale verband met de dienstbetrekking aanwezig: de betaling vloeit voort uit de aandelen die de werknemer in verband met zijn dienstbetrekking kon kopen. De heffingsrente lijkt toch wel heel erg op een verplichte betaling aan de werkgever. Dat vond de werknemer ook en meende dat de door hem betaalde heffingsrente voor hem een verarming voortvloeiend uit de dienstbetrekking betekent, en dat hij deze als negatief loon in aanmerking kan nemen bij het vaststellen van zijn inkomen uit werk en woning.

De Rechtbank en het Hof delen de mening van de werknemer niet. De Rechtbank oordeelde dat de aan de werkgever in rekening gebrachte heffingsrente een schuld van de werkgever is en niet van de werknemer. Verder oordeelde de Rechtbank dat de fiscale wetgeving de werkgever geen mogelijkheid biedt deze heffingsrente, anders dan de verschuldigde loonbelasting, op werknemer te verhalen. Naar oordeel van de Rechtbank komt de betaling van werknemer aan de werkgever voort uit privé-overwegingen, en niet uit de dienstbetrekking. Kortom de betaling van de heffingsrente aan de werkgever wordt niet aangemerkt als negatief loon. Onlangs heeft Hof Amsterdam het hoger beroep behandeld en ook uitspraak gedaan. Ook in hoger beroep werd de werknemer in het ongelijk gesteld.


Het Hof oordeelde:
(...) dat de heffingsrente is gerelateerd aan de verschuldigde loonbelasting en aan de omstandigheid dat de belastingschuld op een later tijdstip wordt geformaliseerd dan waarop zij materieel is ontstaan, respectievelijk waarop zij reeds eerder had kunnen zijn geformaliseerd. Zo bezien, vormt de heffingsrente een compensatie voor de omstandigheid dat de belastingschuldige gedurende een bepaalde periode de beschikking heeft kunnen houden over een aan de Staat te betalen bedrag. (...).

Verder oordeelde het Hof dat:
(...) omtrent de aard van de (aan de loonbelastingschuld gerelateerde) heffingsrenteschuld, niet worden gezegd dat het door de betrokken werknemers (waaronder belanghebbende) bewilligen in afspraken (...), zijn grond vindt in de dienstbetrekking.

De oordelen van Rechtbank Haarlem en Hof Amsterdam zijn voor discussie vatbaar. Immers, waar is de betaling van de heffingsrente in gelegen? Dat lijkt toch te zien op de aandelen die de werknemer in verband met zijn dienstbetrekking kon kopen. Dat het fiscaal niet vlekkeloos is verlopen en de werkgever de rekening inclusief heffingsrente bij de werknemer neerlegt, lijkt er een sterk causaal verband te zijn met de dienstbetrekking.

De vraag is eigenlijk of de werkgever heeft gehandeld in zijn hoedanigheid van werkgever of dat hij heeft gehandeld in de hoedanigheid van debiteur die zijn rentenadeel gecompenseerd wil zien. Ik denk dat de werkgever heeft gehandeld in zijn hoedanigheid als werkgever en de geleden schade (lees: rente) vergoed krijgt door de werknemer.

Voor vragen kunt u contact opnemen met een BCN belastingadviseur of met Roy Vliese werkzaam bij

Huyzer Doornik Der Kinderen

Laatst aangepast op woensdag, 02 november 2011 14:41
Log in om reacties te plaatsen

Tweets

Login