Vanaf 1 januari 2011 is een belangrijke wijziging in werking getreden voor de heffing van loonbelasting door de invoering van de nieuwe werkkostenregeling. Een groot aantal vrijstellingen uit de Wet op de loonbelasting verdwijnt, een aantal vrijstellingen blijft bestaan onder de nieuwe werkkostenregeling. Vanaf 2011 zijn er bij toepassing van de werkkostenregeling vier verschillende soorten kostenvergoedingen te onderscheiden; vergoeding van gericht vrijgestelde kosten, vergoeding van intermediaire kosten, overige vergoedingen met een nihil waardering en overige vergoedingen.
Gericht vrijgestelde kosten
Een aantal kosten (de zgn. gericht vrijgestelde kosten) kan de werkgever ook vanaf 1 januari 2011 onder de werkkostenregeling probleemloos vrijgesteld vergoeden. De belangrijkste gericht vrijgestelde kosten die de werkkostenregeling kent zijn:
- reiskosten (max. € 0,19 per km of vergoeding kosten openbaar vervoer);
- tijdelijke verblijfkosten;
- studiekosten;
- verhuiskosten (bij bedrijfsverplaatsing);
- Intermediaire kosten;
- werkkleding die privé niet gedragen kunnen worden (uniformen);
- werkkleding met een logo van ten minste 70 cm2 en uniformen;
- vakliteratuur;
- contributies beroepsvereniging.
Intermediaire kosten
Intermediaire kosten zijn kosten die de werknemer maakt direct ten behoeve van zijn werkgever. Een loodgieter werkt bijvoorbeeld op locatie en hij mist een aantal kleine onderdelen. Hij koopt deze in een winkel en declareert vervolgens de kosten. Dergelijke kosten zijn intermediaire kosten en kunnen ook onder het nieuwe regime van de werkkostenregeling probleemloos worden vergoed.
Overige vergoedingen met een nihil waardering
Een aantal verstrekkingen die een werknemer krijgt mogen onder het regime van de werkkostenregeling voor de belastingheffing op nihil (€ 0) worden gewaardeerd waardoor er per saldo geen belasting over verschuldigd is. De belangrijkste overige verstrekkingen met een nihil waardering onder de werkkostenregeling zijn:
- arbo voorzieningen;
- inrichting van de werkplek (niet in de eigen woning tenzij er sprake is van arbo voorzieningen);
- consumpties tijdens werktijd (niet zijnde maaltijden);
- laptops (indien voor ten minste 90% zakelijk gebruikt);
- mobiele telefoons (indien voor ten minste 10% zakelijk gebruikt).
Voorzover deze zaken niet worden verstrekt maar vergoed geldt geen nihilwaardering!
Voorbeeld
Werkgever A stelt aan haar werknemers een mobiele telefoon voor hun werkzaamheden ter beschikking. Er is sprake van een verstrekking dus wordt de waarde op nihil (€ 0) gesteld.
Werkgever B vergoedt de telefoonrekening van haar werknemers. De factuurwaarde (incl. BTW) komt ten laste van het werkkostenforfait. De nihil waardering is niet van toepassing.
Overige vergoedingen
Alle overige vergoedingen vallen vanaf 1 januari 2011 op grond van de werkkostenregeling in een nieuwe forfaitaire vrijstelling. Een bedrag dat gelijk is aan 1,4% van de fiscale loonsom mag de werkgever aanwenden voor belastingvrije vergoedingen aan personeel.
Te denken valt onder andere aan de volgende vergoedingen:
- maaltijden in kantines;
- bedrijfsfitness (niet op de werkplek);
- contributie personeelsvereniging;
- personeelsfeesten en personeelsreizen;
- persoonlijke verzorging;
- reiskosten voor zover hoger dan € 0,19;
- internet en vaste telefoon thuis;
- kerstpakketten.
Indien het totale bedrag van de hier bedoelde vergoedingen minder bedraagt dan of gelijk is aan 1,4% van de fiscale loonsom is men ter zake van die vergoedingen geen loonbelasting verschuldigd. Indien het totale bedrag meer is dan 1,4% is over het meerdere 80% eindheffing (loonbelasting) verschuldigd. Voor iedere overschrijding van het forfait met € 1.000 is dus onder de werkkostenregeling € 800 extra loonbelasting verschuldigd (eindheffing).
Overgangsregeling
Voor de jaren 2011, 2012 en 2013 geldt een overgangsregeling. Ieder inhoudingsplichtige mag beslissen of de nieuwe werkkostenregeling in die jaren wordt toegepast of dat het oude regime wordt gecontinueerd. De keuze voor het al dan niet toepassen van de werkkostenregeling zal per 1 januari 2011 voor het eerste gemaakt moeten worden.
Aandachtspunten
Inventariseer de gevolgen van de nieuwe werkkostenregeling voor uw onderneming. Pas zo nodig uw arbeidsvoorwaarden en administratie aan, aan de nieuwe regels (ook als u gebruik maakt van de overgangsregeling).
Probeer bij overschrijding van het forfait van 1,4% de overige vergoedingen te beperken, compenseer dit bijvoorbeeld in extra vergoedingen die gericht vrijgesteld mogen worden vergoed of op nihil worden gewaardeerd (ook bij toepassing van de overgangsregeling is het verstandig hier al naar te kijken).
Kijk of bij overschrijding van het forfait of u als werkgever de belasting voor uw rekening wilt nemen. Wilt u dit niet dan wijst u bepaalde vergoedingen niet aan waardoor deze als gewoon loon worden belast (de belasting komt voor rekening van de werknemer).
Ook kan bekeken worden of het voordeliger is om bepaalde vergoedingen belast toe te kennen (indien uw personeelsleden geen hoge salarissen hebben kan het tabeltarief voordeliger uitpakken dan 80% eindheffing).
Bij voldoende ruimte kunnen extra vergoedingen aan werknemers worden toegekend in plaats van bijvoorbeeld een salarisverhoging. Bij voldoende ruimte kan bekeken worden of bijvoorbeelde de directeur groot aandeelhouder extra vergoedingen kan ontvangen.
Uw BCN belastingadviseur kent alle aspecten van de nieuwe werkkostenregeling en bekijkt graag wat de gevolgen voor u zijn er of er voor u fiscaal voordeel te behalen valt met de nieuwe werkkostenregeling.


Reacties
Ik zou graag willen weten of er ook een Belgische equivalent is van deze werkkostenregel ing. Ik ben voor school met een marketingplan bezig, gericht op de Vlaamse markt waarin de Nederlandse werkkostenregel ing aan bod kwam. Er moest hiervoor naar een Belgische variant worden gezocht maar deze kan ik niet vinden.
Bestaat er dus een Belgische variant of equivalent van de werkkostenregel ing?
Met vriendelijke groet,
Coen