Bij het bepalen van de jaarwinst houdt u rekening met de afschrijving van investeringen die u heeft gedaan in bedrijfsmiddelen. Omdat bedrijfsmiddelen een aantal jaren meegaan, mag u niet alle kosten in één keer aftrekken van de winst in het jaar van aanschaf. In plaats daarvan gaat u afschrijven. Bij afschrijven verdeelt u de kosten over de jaren waarin u het bedrijfsmiddel gebruikt. In elk jaar kunt u dus een deel van de investering als kosten (afschrijving) aftrekken.
Om de jaarlijkse afschrijving van een bedrijfsmiddel te kunnen bepalen dient het bedrag bepaald te worden dat u jaarlijks kunt afschrijven. Bij het bepalen van de jaarlijkse afschrijving zijn drie gegevens van belang:
1. de aanschafkosten
De aanschafkosten bestaan uit de koopprijs plus de overige aanschafkosten zoals:
* - de aankoopkosten (bijvoorbeeld de notariskosten bij aankoop van onroerend zaken)minus kortingen en subsidies
* - de installatiekosten en de kosten van het bedrijfsklaar maken (bijvoorbeeld de kosten van plaatsing van het bedrijfsmiddel door een ander dan de leverancier).
2. de restwaarde
De restwaarde is de geschatte waarde die het bedrijfsmiddel vermoedelijk nog zal hebben op het moment dat u het bedrijfsmiddel niet meer kunt gebruiken voor de uitoefening van uw onderneming.
3. de vermoedelijke gebruiksduur (in hele jaren)
U dient de vermoedelijke gebruiksduur van het bedrijfsmiddel vast te stellen. De meest gebruikte methode om de afschrijving te berekenen is de zogenoemde lineaire methode. De afschrijving is dan gelijk aan een vast percentage van het verschil tussen de aanschafkosten en de restwaarde.
De formule voor deze berekening van de afschrijving luidt:
(aanschafkosten - restwaarde): vermoedelijke gebruiksduur = afschrijving per jaar
Voorbeeld afschrijving
U schaft een auto aan. De aanschafprijs van deze auto bedraagt € 25.000, de vermoedelijke gebruiksduur is vijf jaar en de restwaarde na vijf jaar is € 2.500. Berekening van de afschrijving: (€ 25.000 - € 2.500): 5 = € 4.500 afschrijving per jaar. Als u een bedrijfsmiddel maar een deel van het jaar hebt gebruikt, dan mag u alleen over dat deel van het jaar afschrijven.
Afschrijving onroerende zaken
Afschrijving vindt plaats over de waarde van de opstal (het bouwwerk), afschrijving van de ondergrond mag niet. Er moet daarom voor het bepalen van de hoogte van de afschrijving een splitsing van de kostprijs naar de opstal en de ondergrond worden aangebracht. Afschrijving van de opstal zal (afhankelijk van het soort opstal) doorgaans plaatsvinden in 25 tot 50 jaar.
Sinds 2007 is afschrijven op een gebouw in eigen gebruik alleen mogelijk voor zover de boekwaarde van dat gebouw daardoor niet lager wordt dan de helft van de voor dat jaar geldende WOZ-waarde (de zgn. bodemwaarde). Voor gebouwen die verhuurd worden aan derden (en dus niet in eigen gebruik zijn), geldt als bodemwaarde niet de helft maar de hele WOZ-waarde. Er kan dus geen afschrijving plaatsvinden indien de boekwaarde van het pand lager is dan de bodemwaarde.
Afschrijving goodwill
Sinds 2007 geldt dat voor de afschrijving op goodwill een afschrijvingstermijn van ten minste 10 jaar. Jaarlijks bedraagt de afschrijving dus maximaal 10% van de aanschafwaarde.
Afschrijving overige bedrijfsmiddelen
Afschrijving van alle overige bedrijfsmiddelen dient vanaf 2007 plaats te vinden in ten minste 5 jaar. Het maakt voor het afschrijven niet uit of de bedrijfsmiddelen nieuw of gebruikt worden aangeschaft. Onder deze overige bedrijfsmiddelen vallen onder andere computerapparatuur (computers), (tweedehands) (bestel) auto's, machines, etc. Indien de (economische) levensduur van een bedrijfsmiddel langer is dan 5 jaar geldt een afschrijvingstermijn die gelijk is aan deze langere levensduur.
Willekeurige afschrijving startende ondernemers
Startende ondernemers mogen, in afwijking van het voorgaande en onder nadere voorwaarden, willekeurig afschrijven. Bij willekeurig afschrijven hoeft de ondernemer zich niet te houden aan de minimale afschrijvingstermijnen. Startende ondernemers mogen net zoveel of weinig afschrijven (willekeurige afschrijving) als zij willen.
De belangrijkste voorwaarden zijn voor deze vorm van willekeurig afschrijven zijn:
- er moet sprake zijn van een startende ondernemer (normaliter de eerste drie jaar van het ondernemerschap);
- de bedrijfsmiddelen moeten niet uitgezonderd zijn van de regeling met betrekking tot de willekeurige afschrijving (belangrijkste uitzonderingen zijn personenauto's, goodwill en bedrijfsmiddelen die bestemd zijn voor de verhuur aan derden)
- er geldt een jaarlijks maximum met betrekking tot de omvang van de willekeurige afschrijving.
Het is niet per definitie aantrekkelijk om gebruik te maken van deze willekeurige afschrijvingsfaciliteit voor startende ondernemers. Uw BCN belastingadviseur kan bekijken of u willkeurige afschrijving mag toepassen en of dit fiscaal voordelig voor u is.
Willekeurige afschrijving als crisismaatregel (voor investeringen in 2009, 2010 en 2011)
Om de economie te stimuleren geldt een mogelijkheid tot willekeurige afschrijving voor de jaren 2009, 2010 en 2011 voor alle ondernemers.
De belangrijkste voorwaarden voor de willekeurige afschrijving voor investeringen die gedaan worden in 2009, 2010 en 2011 zijn:
- de maximale willekeurige afschrijving voor 2009 2010 en 2011 bedraagt 50% van de aanschafwaarde rekening houdend met de restwaarde (overigens wordt in de fiscale literatuur ook wel het standpunt ingenomen dat bij deze vorm van willekeurig afschrijven geen rekening hoeft te worden gehouden met de restwaarde);
- de bedrijfsmiddelen waar in geïnvesteerd wordt moeten niet uitgezonderd zijn van de regeling met betrekking tot deze vorm van willekeurig afschrijven (belangrijkste uitzonderingen zijn personenauto's (tenzij deze in de 14% bijtelling categorie vallen), goodwill en bedrijfsmiddelen die bestemd zijn voor de verhuur aan derden);
- het bedrijfsmiddel waarop men willekeurig wil afschrijven moet vóór 1 januari 2013 in gebruik zijn genomen.
Normaliter start de afschrijving pas nadat het bedrijfsmiddel in gebruik is genomen. In geval van willekeurige afschrijving geldt een ander criterium. Op het moment dat de verplichting wordt aangegaan (bijvoorbeeld door het tekenen van de koopovereenkomst) mag gestart worden met willekeurig afschrijven. Wel geldt de beperking dat, zolang het bedrijfsmiddel niet in gebruik is genomen, het bedrag van de willekeurige afschrijving nooit meer mag zijn dan dat feitelijk (aan)betaald is.
Voorbeeld willekeurige afschrijving
Indien een ondernemer in december 2010 een vrachtauto besteld heeft die in februari 2011 geleverd en in gebruik genomen is, dan mag in 2010 al gestart worden met willekeurig afschrijven, indien en voor zover er een (aan)betaling heeft plaatsgevonden in 2010 én met inachtneming van het wettelijk maximumpercentage van 50%. Indien er in 2010 nog niets aanbetaald is, geldt dat geen afschrijving kan plaatsvinden in 2010.
Op 18 mei 2010 is de willekeurige afschrijving voor investeringen die gedaan worden in 2009, 2010 en 2011 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2009 uitgebreid op een tweetal punten.
In het hiervoor beschreven voorbeeld geldt nog steeds dat in 2010 niet mag worden afgeschreven indien er niets is aanbetaald. In mei 2010 is echter besloten dat in dergelijke gevallen de willekeurige afschrijvingsmogelijkheid voor 2011 wordt uitgebreid. Indien in 2010 geen afschrijving plaats heeft gevonden of dat deze beperkt wordt doordat nog niet (voldoende) is aanbetaald, dan geldt voor 2011 een ruimere afschrijvingsmogelijkheid. De willekeurige afschrijvingsruimte die niet benut kon worden in 2010 wordt namelijk doorgeschoven naar 2011. Dit betekent dat de het bedrag van de willkeurige afschrijving in 2011 kan oplopen tot 100%!
Voor investeringen die in 2010 zijn-, of in 2011 worden aangegaan geldt bij het vaststellen van het bedrag van de willekeurige afschrijving hetzelfde. Dit betekent dat het voor u aantrekkelijk zal zijn om verplichtingen met betrekking tot investeringen die u als ondernemer wilt doen in 2012, al aan te gaan in 2011. In dat geval heeft u de mogelijkheid om uw investeringen in 2012 al volledig willekeurig af te schrijven van de belastbare winst (maximaal fiscaal voordeel).
De tweede uitbreiding van de regeling van de willekeurige afschrijving voor investeringen die gedaan worden in 2009, 2010 en 2011 is dat de willekeurige afschrijving zich niet tot de eerste twee jaar beperkt maar ook in latere jaren kan worden toegepast. Voor dergelijke investeringen geldt dus dat deze ook in latere jaren (voor zover dit nog niet is gebeurd) willekeurig afschrijving kan plaatsvinden.
Voorbeeld willekeurige afschrijving
U koopt een machine in 2011. U kunt in 2011 starten met willekeurig afschrijven. In verband met compensabele verliezen is het voor u in 2011 niet aantrekkelijk om maximaal af te schrijven op de investering. In 2011 schrijft u 25% af. De resterende 75% kunt u in latere jaren ook willekeurig afschrijven. Dit kan betekenen dat u in 2012 tot 75% kunt afschrijven op de in 2011 aangeschafte machine.
Om fiscaal maximaal te profiteren zult u zorgvuldig moeten plannen hoe u het beste gebruik kunt maken van deze fiscale crisisfaciliteit om willekeurig af te schrijven. Uw BCN belastingadviseur kan bekijken of u willekeurig mag afschrijven en of dit voordelig is.
Willekeurige afschrijving overige
Er bestaan ook willekeurige afschrijvingsfaciliteiten voor milieu-investeringen en investeringen in zeeschepen.
Uw BCN belastingadviseur kent de verschillende (willekeurige) afschrijvingsregelingen en licht deze graag toe.

